Met dit wetsvoorstel wil de staatssecretaris regelen dat er in de praktijk zorgvuldig omgegaan wordt met onvrijwillige zorg en dwang ten aanzien van mensen met een verstandelijke of psychogeriatrische aandoening. De CG-Raad onderschrijft het belang om de uitvoeringspraktijk goed te regelen maar stelt vast dat de huidige voorstellen onvoldoende waarborg bieden voor de bescherming van de autonomie en het zelfbeschikkingsrecht van mensen. Bovendien is de afbakening van de groep die onder deze wet kan vallen veel te ruim.
Ernstig is dat het wetsvoorstel in strijd is met nationale grondrechten, het VN-verdrag en het Europees Verdrag voor de rechten van de Mens. In een brief adviseert de CG-Raad de staatssecretaris om het wetsvoorstel eerst meer gedegen juridisch te toetsen aan nationale en internationale wetgeving op het gebied van de mensenrechten. De CG-Raad heeft ook de Tweede Kamer op de hoogte gebracht van de bezwaren.
Binnenkort praat de CG-Raad met het ministerie van VWS over hoe het verschil van inzicht kan worden overbrugd.